Rij- en vaarbewijzen

Rijbewijzen

Autorijden met een ICD in het kort (laatste update januari 2018)

- Alleen mogelijk met een geschiktheidsverklaring van de cardioloog
- Alleen mogelijk met 'gecodeerd' rijbewijs A, A1, A2, B, B+, B+E, T
- Code 100: alleen privégebruik
- Code 101: beperkt beroepsmatig gebruik met uitzondering van personenvervoer en het onder

  toezicht besturen van derden
- Alle andere rijbewijzen( bijvoorbeeld vrachtwagen- of buschauffeur) uitgesloten

Wettelijke wachttijden

Na implantatie ICD voor primaire preventie   2 weken. Pas daarna kan een nieuw rijbewijs aangevraagd worden
   
Na implantatie voor secundaire preventie 2 maanden. Pas daarna kan een nieuw rijbewijs aangevraagd worden
   
Na terechte shock 2 maanden, mits toestemming behandelend cardioloog
   
Na onterechte shock

Ongeschikt totdat kans op herhaling is geminimaliseerd door aanpassing

van de instellingen van de ICD of aanpassing van de medicatie. 
Dit ter beoordeling van de behandelend cardioloog

   

Na vervanging ICD én vervanging of
bijplaatsing
van één of meer draden

Na genezing van de wond en in overleg met de behandeld cardioloog. Die bepaalt of herkeuring nodig is. Zo ja: lees verder

   

Na vervanging of bijplaatsing 
van één of meer draden

Na genezing van de wond en in overleg met de behandelend cardioloog. Die bepaalt of herkeuring nodig is. Zo ja, lees verder

   
Na vervanging ICD door S-ICD Na genezing van de wond en in overleg met de behandelend cardioloog.

 

             


 

(Regeling eisen geschiktheid 2000, artikel 6.7.4: Staatscourant 99 [23 mei 2000], pagina 10 e.v.; gewijzigd: Staatscourant 106 [8 juni 2004], pagina 13 e.v. en 1 januari 2018)

 

Opmerkingen:

1.Om te allen tijde juridisch volledig gedekt te zijn, adviseert de STIN ICD-dragers zich strikt te houden aan deze regelgeving.

2.Wettelijke wachttijd na implantatie twee maanden betekent jammer genoeg niet dat u meteen daarna ook meteen weer auto mag rijden. In de praktijk duurt die periode namelijk enkele weken langer omdat uw behandelend cardioloog pas na die twee maanden de geschiktheidsverklaring kan verstrekken waarmee u een nieuw geldig rijbewijs voor ICD-dragers kunt aanvragen. Rijdt u in die periode toch met uw oude rijbewijs, dan is dat voor eigen verantwoording.

 

Meer informatie: www.stin.nlRijbewijzen > Aanvragen en voor specifieke informatie met betrekking tot het aanvragen het artikel Richtlijnen voor het aanvragen van een rijbewijs voor ICD-dragers.

 

 

Autorijden met een pacemaker (artikel 6.7.3. Regeling eisen geschiktheid 2000)
 
Rijbewijzen groep 1 (A1, A2, A, B en B+E)
Personen met een pacemaker kunnen op basis van een aantekening van een keurend arts geschikt worden verklaard voor een maximale termijn van tien jaar.
 
Rijbewijzen groep 2 (C, C1, C+E, C1+E, D, D1, D+E en D1+E)
Personen met een pacemaker zijn ongeschikt tot twee weken na implantatie.
Na afloop van deze periode kunnen zij op basis van een aantekening van een keurend arts geschikt worden verklaard voor een maximale termijn van vijf jaar.
 
Dat u pacemakerdrager bent, wordt niet met een aparte code vermeld op uw rijbewijs zoals bij ICD-dragers. Toch bent u juridisch alleen maar 100% gedekt als het CBR ervan op de hoogte is dat u een pacemaker hebt. Dat kunt u laten weten via een zogenaamde vrijwillige melding. Daarvoor moet u gebruikmaken van een Gezondheidsverklaring die u kunt kopen op het gemeentehuis of kunt invullen via mijn.cbr.nl. Daarop beantwoordt u de vraag: Heeft u een ziekte van uw hart of van uw bloedvaten? met ja. Vervolgens krijgt u een verzoek (per brief of digitaal) om een aantekening te laten plaatsen door een (onafhankelijke) arts. Dat hoeft niet per se een cardioloog te zijn. Uit de aantekening moeten de aard en ernst van de aandoening blijken. Deze aantekening stuurt u op naar het CBR en daar registreert men in uw dossier dat u pacemakerdrager bent. De geldigheidsduur van het rijbewijs is maximaal tien jaar voor het gebruik van rijbwijzen van Groep 1 en vijf jaar voor die van Groep 2. Voor verlenging geldt dezelfde procedure.