Implantatiecentra in beeld

Universitair Medisch Centrum Groningen (april 2008)

Er gaat niets boven Groningen

UMCG staat voor kwaliteit en patiëntvriendelijkheid

De stad Groningen herbergt het meest noordelijke van de zestien Nederlandse implantatiecentra: het Universitair Medisch Centrum Groningen. Meer dan 1700 noorderlingen kregen hier tot nu toe een ICD en dat aantal zal met minimaal 350 implantaties per jaar flink blijven stijgen. Vijf cardiologen, zes technici en twintig gespecialiseerde verpleegkundigen zijn daarbij betrokken. Verder biedt het UMCG de hulp aan van het Bureau Nazorg Thoraxcentrum, een hartfalenpoli en het eigen revalidatiecentrum Beatrixoord in Haren. De redactie van het ICD-Journaal en de regiovertegenwoordigers Friesland en Groningen spraken met de cardiologen dr. Ans Wiesfeld, dr. Alexander Maass en dr. Bas Schoonderwoerd, cardio-technicus Henk Mulder en Ellen Havinga, verpleegkundig consulent van het Bureau Nazorg. Een kennismaking.

Wie is wie?

Op de voorzijde van de vorige editie van ons blad prijkte prof. dr. I.C. van Gelder, cardioloog en hoogleraar elektrofysiologie. U leest het tweede deel van haar inaugurele rede elders in dit blad. Zij was niet bij dit interview aanwezig. Cardioloog-elektrofysioloog dr. A.C.P. Wiesfeld promoveerde in 1996 op ventriculaire ritmestoornissen en zal bij veel ICD-dragers uit het UMCG bekend zijn doordat zij lange tijd de informatiebijeenkomsten georganiseerd heeft. Die taak ligt voortaan in de handen van dr. A.H. Maass, eveneens cardioloog-elektrofysioloog. Hij is als hoofd van de pacemakerkamer verantwoordelijk voor implantaties, inclusief de nazorg. Dr. B.A. Schoonderwoerd is als cardioloog betrokken bij de implantatie van ICD's en CRT-D's. Hij volgt een opleiding als fellow elektrofysiologie. Daarnaast is dr. W. Nieuwland, cardioloog, betrokken bij de implantaties en nazorg, evenals dr. R.A. Anthonio, cardioloog. Henk Mulder is als cardio-technicus bij het controleren en programmeren van o.a. defibrillatoren betrokken. Maar hij en zijn collega's hebben niet alleen oog voor de technische aspecten. Ze luisteren ook naar wat mensen niet zeggen. Door die extra aandacht voor de mens werken zij zo mee aan de Groningse patiëntvriendelijkheid.

 

Voor- en nazorg

Zoals veel centra heeft het UMCG een eigen voorlichtingsbrochure die aan de (toekomstige) ICD-drager wordt uitgereikt; het is de bedoeling om de informatie uit de eigen brochure ook op een eigen website te gaan aanbieden. Daarnaast wordt de ICD-brochure van de Nederlandse Hartstichting gebruikt. Een dag voor de ingreep komt de implanterende cardioloog langs voor een gesprek waarin ruimte is om alle vragen te stellen en beantwoord te krijgen. Daarin komt expliciet het onderwerp ‘autorijden en rijbewijs' ter sprake. Ook op voorlichtingsbijeenkomsten staat dat elke keer op de agenda. Iemand van het CBR in Assen is enkele malen aanwezig geweest en heeft zo kunnen horen waar ICD-dragers tegenaan lopen.

 

Iedereen die bij een cardioloog van het UMCG onder controle blijft, krijgt iemand van het Bureau Nazorg aan het bed met het aanbod om gebruik te maken van het verpleegkundig spreekuur (zie kader) waar besproken wordt hoe het thuis gaat en welke ervaringen, klachten of vragen er zijn. Patiënten uit andere ziekenhuizen die alleen voor de implantatie naar Groningen verwezen werden, zullen voor die nazorg in hun eigen ziekenhuis moeten zijn.

 

De dag ná implantatie worden enkele metingen gedaan, daarna volgt meestal ontslag. Het UMCG kan vervolgens een revalidatieprogramma in het eigen Beatrixoord aanbieden, een centrum dat met een multidisciplinaire aanpak oog heeft voor zowel de fysieke als de psychosociale aspecten van het leven als revaliderende ICD-drager.

 

Shocks

Het krijgen van een shock kan daarbij een erg vervelende en belastende ervaring zijn. Er gebeurt van alles met je en dat kan tot heel wat angst bij jezelf of de partner leiden. Ook in het UMCG probeert men de ICD zo in te stellen dat je zo min mogelijk shocks krijgt en vaak is dat met goed ingestelde medicijnen (met name bètablokkers) te bereiken. Tegelijk moet er maximale zekerheid zijn dat de ICD ingrijpt als dat nodig is. Beter een keer een onterechte shock dan onterecht geen shock! Maar wat doe je na een shock, die terecht was of het gevolg van technische problemen? Wat doe je als de angst niet weggaat? Soms krijg je dan het advies om (opnieuw) te gaan revalideren, waarbij ook de partner wordt uitgenodigd.

 

Ontwikkelingen

Vroeger kreeg men alleen na een hartstilstand een ICD. Nu worden er steeds meer uit voorzorg (profylactisch) geplaatst, want medicijnen blijven inferieur aan de ICD ter voorkoming van plotselinge dood. Een tweede ontwikkeling: Bij ongeveer een derde van de Groningse ICD's gaat het om biventriculaire modellen: dit zijn de CRT-D's. Er ligt dan een zgn. derde draad bij de linker hartkamer.

 

Indicatie

Naar aanleiding van een aantal grote studies uit de laatste jaren zijn de richtlijnen voor indicatie uitgebreid met een flinke stijging van het aantal implantaties tot gevolg. Velen zetten vraagtekens bij de kosten van de gezondheidszorg en de groeiende macht van verzekeraars. Kan dat eindeloos doorgaan? Bijvoorbeeld bij de inmiddels opgeloste ‘Plavix-affaire' was er heel wat overleg nodig voor artsen tevreden en patiënten gerust gesteld waren. Het UMCG-team maakt zich op dit punt niet zoveel zorgen. Belangrijk is om de medische richtlijnen te volgen. Een juiste indicatiestelling voor het krijgen van een ICD zal nooit betwist worden. Hierbij dient dan wel de juiste ICD voor de juiste patiënt gekozen te worden. Elke patiënt zal de allernieuwste ICD geïmplanteerd krijgen die voor hem of haar het beste geschikt is. Waarschijnlijk zal aan de indicatiestelling niet veel meer veranderen. Er komen wel meer mensen voor een ICD in aanmerking, omdat erfelijk onderzoek en het ontdekken van aangeboren afwijkingen hen zichtbaar maakt als kandidaten.

 

Jong en oud

Zo krijgen ook steeds meer jonge mensen, kinderen soms, een ICD. Dit levert nieuwe uitdagingen op omdat het systeem van ICD met leads bij jonge en actieve mensen meer belast wordt dan bij ouderen. De groei van het lichaam en bewegingen bij het sporten kunnen spanning op de draad/draden tot gevolg hebben. De ICD zelf kan tegen een stootje, maar de leads zijn fragieler. Dr. Wiesfeld droomt daarom van een draadloze ICD waarmee dit soort problemen kan worden teruggedrongen.

Bureau Nazorg

De zorg van een ziekenhuis houdt niet op bij het medisch handelen. Daarom kennen sommige ziekenhuizen een ICD-verpleegkundige. Het UMCG heeft die niet. In plaats daarvan kan iedereen die in het UMCG opgenomen is (geweest) in verband met een hart- en vaatziekte een beroep doen op het Bureau Nazorg Thoraxcentrum.

Vijf verpleegkundig consulenten en een nurse practitioner hebben zich gespecialiseerd op het gebied van hart- en vaatziekten, waaronder hartfalen, HTX , post-infarct en CABG zorg. Ze bieden een verpleegkundig spreekuur aan om te helpen bij het verwerken van alle aangeboden informatie en om antwoord te geven op vragen die in het ziekenhuis of thuis opkomen. Zowel tijdens de opname als daarna kan een afspraak worden gemaakt. Het bureau houdt ook telefonisch spreekuur.

Er gaat niets boven Groningen

Tot nu toe is het UMCG het enige implantatiecentrum van de drie noordelijke provincies. Leeuwarden staat op de nominatie om ook defibrillatoren te gaan plaatsen. Maar dan nog moeten ICD-dragers van bijvoorbeeld een van de Waddeneilanden uren reizen voor een controle van hun device. Zeker in het noorden van het land is telecardiologie of homemonitoring dan ook bijna onmisbaar. Er lopen daarnaar studies, in samenwerking met BIOTRONIK en Medtronic. Elders in dit blad leest u over de SPRN die in het UMCG haar zetel had. Haar taken op het gebied van ICD- en pacemakerregistratie zijn overgenomen door DIPR. Ook het UMCG werkt daar natuurlijk aan mee. Als het systeem helemaal operationeel is, hebben ICD-dragers daar ook baat bij. Zij kunnen dan in de ideale situatie meteen met een ICD-pasje naar huis gaan in plaats van daar kort of lang op te wachten.

 

Tot slot

Ook in het UMCG is er volop onderzoek op het gebied van atriumfibrilleren, de telecardiologie en het verder optimaliseren van de implantatie en instelling van biventriculaire systemen, zeker als het gaat om het leveren van inspanning. Een kleine indruk krijgt u in de reeds genoemde bijdrage van prof. van Gelder.

 

De redactie bedankt het team van het Universitair Medisch Centrum Groningen voor dit plezierige gesprek en hoopt in het volgende ICD-Journaal een ander implantatiecentrum aan u voor te stellen.

Lees meer