Implantatiecentra in beeld

Maasstad Ziekenhuis (april 2017)

De juiste zorg op de juiste plaats

tekst: Elice Flipse, physician assistant afdeling Cardiologie Maasstad Ziekenhuis

beeld: Maasstad Ziekenhuis

 

Het Maasstad Ziekenhuis is een topklinisch opleidingsziekenhuis met zeshonderd bedden in Rotterdam-Zuid. Jaarlijks bezoeken meer dan 450.000 patiënten de poliklinieken. We maken kennis met het device-team van dit ziekenhuis.

 

De Cardiologen Maatschap Rijnmond Zuid bestaat uit 24 cardiologen. De werkzaamheden vinden plaats op vier locaties, namelijk in het Maasstad Ziekenhuis, het Ikazia Ziekenhuis (beide in Rotterdam-Zuid), het Spijkenisse Medisch Centrum en het Cardiologie Centrum Hoogvliet.

Regionaal georganiseerde zorg kan grote voordelen hebben voor de patiënt en voor de huisarts. Het adagium is: ‘dichtbij als het kan, ver weg als het moet’. De cardiologen van de maatschap vinden het belangrijk om de juiste zorg op de juiste plaats te bieden. Er wordt hard aan gewerkt om dat te kunnen bewerkstelligen.

 

Gegevensoverdracht

Het kan voorkomen dat een device (een ICD of pacemaker) in het Maasstad Ziekenhuis wordt geïmplanteerd en dat het home-monitoringsysteem op een van de andere locaties wordt uitgelezen. Binnenkort zal door de invoering van het nieuwe computersysteem HIX een nog betere samenwerking tussen de verschillende locaties tot stand komen, doordat hiermee op een veilige manier gegevens uitgewisseld kunnen worden.

Ook het datamanagementsysteem Medi Connect wordt dit jaar in drie van de bovengenoemde ziekenhuizen in gebruik genomen. André van Elsacker, pacemaker/ICD-technicus in het Maasstad Ziekenhuis, legt uit dat het hierdoor mogelijk is om de gegevens van de pacemaker- en ICD-programmer automatisch in te lezen in een pacemaker- en ICD-database. De gegevens van alle implantaties en de follow-up worden op één centrale plaats opgeslagen. De benodigde gegevens kunnen dan aan het ziekenhuisinformatiesysteem HIX worden aangeboden.

De vier ziekenhuizen hebben daarmee één groot gezamenlijk elektronisch patiëntendossier. Dit maakt het mogelijk dat collega’s in een ander ziekenhuis, na toestemming van de patiënt, ook de controle en instellingen van de pacemaker of ICD kunnen bekijken. Hierdoor kunnen de cardioloog en de pacemakertechnicus eenvoudig verdergaan daar waar de laatste controle heeft plaatsgevonden, ongeacht in welk ziekenhuis dit is geweest.

 

Device-team

In 2016 werden in het Maasstad Ziekenhuis in totaal 464 device-procedures verricht, waarvan 109 ICD’s, 53 biventriculaire ICD’s (CRT-D), 195 pacemakers, 41 biventriculaire pacemakers (CRT-P) en 66 reveal-implantaties (een hartritmemonitor).

Het device-team van het Maasstad Ziekenhuis bestaat uit vijf implanterende cardiologen en vijf pacemaker/ICD-technici. Tevens is er een bijbehorend eigen secretariaat, dat de planning van de implantaties coördineert in samenwerking met de device-cardiologen en dat in het algemeen alles regelt ten aanzien van homemonitoring- en poli-controles. Ook zijn de secretaresses een vraagbaak voor de patiënten.

In het Maasstad Ziekenhuis vindt wekelijks een ritmeteambespreking plaats, waarin patiënten met hartritmeproblematiek worden besproken en waarin tevens de indicatiestelling plaatsvindt. Het is een multidisciplinaire benadering van ritmeproblematiek door verschillende cardiologen die gespecialiseerd zijn in imaging (beeldvorming van het hart, zoals MRI- en CT-scan), interventie (ingrepen zoals hartkatheterisatie en dotterbehandeling) en hartfalen.

 

ICD-implantaties

Wanneer de indicatie voor een ICD-implantatie is vastgesteld, krijgt de patiënt klinisch of poliklinisch één uur lang een uitgebreid voorlichtingsgesprek met een verpleegkundig specialist of physician assistant. Dit vindt plaats in het Maasstad Ziekenhuis. Hierin worden alle voor- en nadelen van een ICD-implantatie, de procedure en de leefregels besproken, waardoor de patiënt beter begrijpt wat de consequenties zijn van de implantatie.

Bij de voorlichting wordt er altijd een recent STIN journaal aan de patiënt aangeboden en wordt verwezen naar de STIN-website voor het vinden van informatie. Patiënten en hun naasten vinden hierin enig houvast en lijken dit erg prettig te vinden.

De pacemakertechnici vervullen ook een belangrijke rol bij de verdere begeleiding van ICD-patiënten. Zij ontvangen de patiënt na de implantatie op gezette tijden op de polikliniek. De technicus geeft altijd het advies om bij problemen of na een shock zo mogelijk eerst met een van hen contact op te nemen, zodat zij op afstand al het een en ander kunnen regelen of adviseren.

 

Ontwikkelingen

Volgens ritmecardioloog dr. Dijkman-Domanska, een van de cardiologen van het device-team, zijn er een paar nieuwe ontwikkelingen die van belang zijn voor ICD-dragers. ‘Het systeem van homemonitoring van ICD-patiënten zal worden doorontwikkeld’, zegt zij. ‘Hierdoor kan er op afstand een nog betere afstemming plaatsvinden tussen de patiënt en de zorgverlener bij eventuele problemen. Ook zal door de huidige richtlijnen de patiëntengroep met een indicatie voor cardiale resynchronisatietherapie (CRT) groeien. Deze therapie kan voordelen bieden aan een bepaald deel van de patiënten met hartfalen. De CRT is een driedradig in plaats van tweedradig apparaat dat de twee kamers van het hart weer tegelijk laat samentrekken. Deze therapie zal tot minder ziekenhuisopnames en tot een betere kwaliteit van leven leiden.’

Een andere kwestie is of de indicatie voor ICD-implantaties in de toekomst zal worden verruimd of juist zal worden beperkt. ‘We zullen de resultaten van nieuwe studies moeten afwachten’, zegt Dijkman-Domanska hierop. ‘In die studies zullen bepaalde patiëntenpopulaties worden gevolgd. Het is mogelijk dat de indicatie voor ICD-implantatie als primaire profylaxe, oftewel de preventieve implantaties, beperkt zal worden. Je moet kunnen onderbouwen wat het profijt is van de ICD-implantatie. Tevens zal de patiëntenpopulatie veranderen door een groeiende groep patiënten met meer comorbiditeit, die de prognose beïnvloeden. Comorbiditeit betekent dat een patiënt twee of meer aandoeningen tegelijkertijd kan hebben. In deze groep is het moeilijker om te bepalen welke keuze ten aanzien van ICD-therapie medisch gezien verstandig is.’

 

Lees meer