Implantatiecentra in beeld

Academisch Ziekenhuis Maastricht (januari 2007)

Voorbereiding is de sleutel van het succes (ICD-Journaal 2007-1)

Door Frans Mol, Rob Wijdeveld, Peter Zaadstra (redactie)

 

Ruim 21 jaar geleden werd in het Academisch Ziekenhuis Maastricht (AZM) de eerste ICD geïmplanteerd bij een toen 35-jarige man. Daarmee is dit relatief jonge academisch ziekenhuis een van de oudste implantatiecentra voor ICD’s. Het AZM wil zich onderscheiden door kwaliteit en geïntegreerde zorg. De redactie sprak met drs. Y.J. Stevenhagen (fellow op de ICD-afdeling), Luuk Debie (pacemaker- en ICD-technicus) en Irene Braeken (pacemaker- en ICD-verpleegkundige). De drijvende kracht van de ICD-afdeling is mw. dr. B.K. Dijkman-Domanska. Zij was helaas verhinderd bij het interview aanwezig te zijn. De verkorting van de wachttijd om auto te rijden (van zes naar twee maanden) is mede aan haar onderzoek naar terugkerende hartritmestoornissen bij ICD-dragers te danken. Een kennismaking met het AZM.

 

Geschiedenis

In 1985 was het beslist geen kleinigheid om een ICD te krijgen. De therapie was nieuw en werd nog weinig toegepast. Bijvoorbeeld in het Academisch Ziekenhuis Utrecht werd tussen april 1984 en juni 1986 bij slechts zeven patiënten een automatische defibrillator geïmplanteerd.

De indicatie was vervolgens keihard: een patiënt moest eerst een hartstilstand overleefd hebben en kreeg vervolgens medicijnen om het hartritme regelmatig te maken. Pas nadat proefondervindelijk was vastgesteld dat de anti-arrhythmica niet werkten – dat wil zeggen: na het overleven van een tweede hartstilstand – kwam men in aanmerking voor een ICD. Aanvullende voorwaarde was, dat de conditie van onder andere de linker hartkamer goed moest zijn opdat de kandidaat de risicovolle operatie zou overleven. Voor de implantatie was een openhartoperatie noodzakelijk: op het hart (= epicardiaal) werden twee patch-elektroden en vier gewone elektroden geplaatst, naar de buik getunneld, en daar verbonden met de zogenaamde pulsgenerator. Dit apparaat dat bijna 300 gram woog, werd vanwege zijn grootte in de buik geplaatst en kon alleen defibrilleren. De levensduur van de batterij was beperkt (niet langer dan 2 jaar).

 

Aanvankelijk groeide het aantal geïmplanteerde ICD’s langzaam; de technische vooruitgang zette echter door met belangrijke voordelen voor ICD-dragers. Zo werden in 1989 in het AZM voor het eerst in Nederland de elektroden via een sleutelbeenader in het hart aangebracht en vervolgens onderhuids naar de ICD in de buik getunneld. Sinds 1996 worden zogenaamde twee-kamer-ICD’s geïmplanteerd. Sinds 2000 zijn er de biventriculaire ICD’s en de laatste jaren ligt er steeds meer nadruk op deze systemen die de beide hartkamers synchroon laten samenstrekken (CRT = cardiac resynchronization therapy). De laatste jaren worden in het AZM ongeveer 200 ICD’s per jaar geïmplanteerd, waarbij de gemiddelde leeftijd van de nieuwe ICD-dragers steeds lager wordt, vanwege de uitgebreide indicatie en het steeds meer uit voorzorg implanteren van een ICD.

 

Het team van het AZM waarschuwt ervoor dat het toenemend aantal implantaties (kwantiteit) niet ten koste mag gaan van kwaliteit. In het belang van de patiënt moet de kwaliteit altijd op de eerste plaats staan.


Vooruitdenken

Daarbij wordt in het AZM vooruit gedacht. Bij elke vervanging van ICD wordt opnieuw beoordeeld welk type ICD nu en in de toekomst waarschijnlijk nodig zal zijn. Bij een bypass- of klepoperatie wordt gekeken of een patiënt eventueel kandidaat zal zijn voor CRT; in samenwerking met de cardiochirurgie kan dan besloten worden tot het op voorhand plaatsen van epicardiale leads. Wanneer een biventriculaire ICD noodzakelijk is, kan deze gemakkelijker worden aangesloten. Ook zijn de drempels voor het pacen lager; dit spaart de batterij. Bovendien is het risico op ongewenste prikkeling van de middenrif-zenuw, de nervus phrenicus, kleiner (hierover schreven wij in het ICD-Journaal van juli 2006, bladzijde 12).

 

De procedure

Kenmerkend voor de procedure rond de ICD-implantatie in het AZM is de voortdurende betrokkenheid van een van de ICD-verpleegkundigen, vanaf het eerste moment dat een ICD overwogen wordt tot aan het einde van de behandeling c.q. het overlijden van de ICD-drager. Uitgangspunt is dat de patiënt centraal staat. Alle informatie wordt op hem of haar toegesneden. De verpleegkundige toetst voortdurend of de kandidaat weet en begrijpt wat er gaat gebeuren en waarom dat zo is. Medische en sociaal-maatschappelijke aspecten krijgen een plaats in de gesprekken (gezondheid, werk, naaste omgeving, relaties, vervoer, sport).

 

Tegelijk is er een open oog voor ICD-dragers die voor of na de implantatie behandeling nodig hebben van bijvoorbeeld de dienst cardio-psychiatrie, medische psychologie of maatschappelijk werk. Ook bij verandering in de gezondheid van een patiënt is het de verpleegkundige die signaleert en cardioloog of technicus informeert.

 

In alle gevallen is de ICD-verpleegkundige het aanspreekpunt voor vragen en voorlichting naar de ICD-dragers. Bij de voorlichting wordt gebruik gemaakt van een eigen brochure ICD patiënten-informatie, de algemene folder van de Nederlandse Hartstichting en informatiemateriaal van de ICD-fabrikanten. Het ziekenhuis geeft een eigen model “Europese identiteitskaart voor ICD-dragers uit”.

Vragen en problemen zijn volgens het AZM-team te voorkomen door een goede individuele voorbereiding en voorlichting. Men ziet daarom weinig noodzaak om aparte patiënten-informatiebijeenkomsten te organiseren.

 

Wetenschappelijk onderzoek

Als academisch ziekenhuis is het AZM natuurlijk ook bij wetenschappelijk onderzoek betrokken. Daarbij is een steeds grotere rol weggelegd voor de onderzoeken die met hartfalen, biventriculaire ICD’s en CRT te maken hebben.

 

Als enige in Nederland participeert het AZM in een wereldwijde FDA-studie (REVERSE) naar nieuwe indicaties voor de implantatie van een ICD. In deze studie wordt onderzocht of resynchronisatietherapie de verminderde pompfunctie van de linker hartkamer verbetert. De FDA (Food and Drugs Administration) is in de Verenigde Staten van Amerika de instantie die de kwaliteit en veiligheid van onder andere voedsel, medicijnen én ICD’s bewaakt.

 

Daarnaast lopen onder andere de Biv-RV-studie (onderzoek naar het de mogelijkheden om patiënten met een pacemaker te upgraden naar een biventriculair systeem) en een studie naar de combinatie van CRT met hartchirurgie.

 

De redactie bedankt het team van het Academisch Ziekenhuis Maastricht voor dit plezierige gesprek en hoopt in het volgende ICD-Journaal een ander implantatiecentrum aan u voor te stellen.

Lees meer